Pedagogisch begeleiden en samen leren
Het begeleidingsplan 2022-25 bevat de visie, de inhouden, het kwaliteitsbeleid en de doelstellingen voor drie schooljaren. Elk jaar rapporteert de pedagogische begeleiding in een jaarverslag. Naast kwantitatieve gegevens over het bereik, vind je hier ook getuigenissen en een beschrijving van de gerealiseerde kerntaken en beleidsprioriteiten.

01 Teams en bereik
Coördinatie
De pedagogische begeleiding wordt geleid door directeur Marijke Vermandere. Voor elk onderwijsniveau (basisonderwijs, secundair en volwassenenonderwijs, deeltijds kunstonderwijs en clb’s) is er een team van pedagogisch begeleiders onder leiding van een coördinator. De werking voor het leerplichtonderwijs is regionaal gestructureerd in vier regio’s.
De stafdienst voor kwaliteit en innovatie ondersteunt de niveauoverstijgende samenwerking o.a. via projecten, onderzoek en ontwikkeling, interne kwaliteitszorg en interne professionalisering. De begeleiding werkt nauw samen met de dienst vorming die verantwoordelijk is voor het uitbouwen van een kwaliteitsvol aanbod aan vorming en professionalisering voor alle onderwijsniveaus.

Team pedagogische begeleiding
Een team van 68 adviseurs, begeleiders en stafleden staat in voor de begeleiding van 789 onderwijsinstellingen (scholen, centra, academies, CLB’s en leersteuncentra)


Maximaal bereik
Ons bereik is maximaal: we bereiken 100% van de basis- en secundaire scholen, de centra voor volwassenenonderwijs, CLB’s en leersteuncentra. Voor het deeltijds kunstonderwijs is dat 98%.

Begeleidingsfrequentie
Hoe vaak doen we een begeleidingsinterventie? Dat varieert. 23% van de onderwijsinstellingen bereiken we vier keer of minder. Zij gaan zelfstandig aan de slag met de materialen die we aanreiken. Met 31% werken we een intensief traject uit dat uit meer dan 16 interventies bestaat.

Tijdsinvestering
74% van de tijd gaat naar decretale opdrachten, in direct contact met de werkvloer, en naar beleidsimpulsen van de Vlaamse overheid over: brede basiszorg en verhoogde zorg, effectieve didactiek, datageletterdheid en Leerpunt. Ook samenwerking met partners, zoals de Onderwijsinspectie, de Vlor en hogescholen, vraagt tijd.

02 Ankerfiguren dichtbij de school of academie
Elke onderwijsinstelling weet bij welke adviseur ze terechtkan. Via een regionale werking met ankerfiguren investeren we in een duurzaam, persoonlijk contact. Onze begeleiders kennen de noden en de context van de school en bouwen een vertrouwensband met hen op. De ankers zijn te vinden per gemeente en onderwijsniveau via de aanspreekpunten op www.ovsg.be.
De scholen en academies zijn zelf verantwoordelijk voor hun veranderingstrajecten, de pedagogische begeleiding ondersteunt hen vanuit hun noden en de lokale context met een mix van vorming en begeleiding. De begeleidingsflow verduidelijkt welke stappen we zetten in het ondersteuningsproces.

03 Begeleiden volgens plan en professionaliseren
Het begeleidingsplan 22-25 getiteld Samen werken aan kwaliteit beschrijft hoe we de decretaal bepaalde kerntaken op een klantgerichte manier uitwerken. Onze kerntaken zijn
- sterke didactiek realiseren
- organisatie en beleid van instellingen ondersteunen
- het pedagogisch of artistiek project begeleiden
- beleidsprioriteiten in de praktijk omzetten

Interne professionalisering
Om ervaringen en expertise te delen tussen de collega’s van verschillende onderwijsniveaus, zijn er twee keer per schooljaar gemeenschappelijke bijeenkomsten over een actueel thema voor alle OVSG-begeleiders.
- 30 januari 2025 – Thema kwaliteitsontwikkeling op de PBD
Pedagogisch begeleiden is een complex proces. De effecten van pedagogische begeleiding aantonen is nog complexer. Daarom geeft Geert Kelchtermans (KU Leuven) een keynote in Huis Madou om pedagogisch begeleiders uit te dagen om na te denken over de zin en onzin van effectmeting bij complexe begeleidingsprocessen.
In de namiddag diepen onze pedagogisch begeleiders het thema kwaliteitsontwikkeling verder uit aan de hand van enkele praktijkgerichte workshops: over de rOK-tool, de vorming tot datacoach, evidence-informed begeleiden, begeleiden na een negatieve doorlichting en kwalitatieve effectmeting.


- 9 mei 2025 – Thema Begeleidingsplan 2025-30
Tijdens deze bijeenkomst verdiepen onze pedagogisch begeleiders zich in de thema’s en prioriteiten van het nieuwe begeleidingsplan 2025-30. Geïnspireerd door de keynote van Joos Gysen (MONDEA) over beleidsplanning- en evaluatie, bepalen we samen de richting van het plan aan de hand van acties, effecten en indicatoren voor de komende vijf schooljaren.
04 Kerntaken
De pedagogische begeleiding voert de kerntaken uit die de overheid in 2022 formuleerde.
Kerntaak 1: sterke didactiek
Deze kerntaak legt de nadruk op het versterken van de beroepsbekwaamheid van personeelsleden van scholen, centra en academies in rechtstreeks contact met de teams. Via klantgericht maatwerk begeleiden we onze scholen binnen hun eigen context.
Netwerk ICT-coördinatoren in het basisonderwijs
Het netwerk digitale geletterdheid haalt ICT-coördinatoren uit hun isolement en laat hen samen reflecteren over wat echt werkt in de klas. Ze wisselen er tools, aanpakken en oplossingen uit die de lessen meteen sterker maken. De pedagogisch begeleider brengt actuele thema’s aan en zorgt dat technische en pedagogisch-didactische vragen hand in hand gaan. Doordat de deelnemers ervaringen delen, vermijden ze dubbel werk en vinden ze sneller wat ze op school kunnen inzetten. Het netwerk groeit en vertegenwoordigt intussen scholen uit heel Vlaanderen, wat de impact alleen maar vergroot. Dankzij de brede input ontstaan gedeelde materialen en een digitaal platform waar leraren rechtstreeks mee kunnen werken. De signalen uit het netwerk stromen door naar ondersteuning en beleid, waardoor noden uit de praktijk sneller opgepikt worden. Zo wordt digitale geletterdheid geen individuele opdracht meer, maar een gedeelde kracht. En dat voel je tot in elke klas.
“Het platform biedt de kans om van elkaar te leren en te vermijden dat iedereen telkens opnieuw het warm water moet uitvinden. Voor mij zit de grootste winst in het uitwisselen van ervaringen.”
Deelnemer platform
Anderstalige leerlingen in het deeltijds kunstonderwijs
Steeds meer academies krijgen een diverse instroom. Tijdens de contactmomenten gaan leraren en directies samen op zoek naar hoe je niet-Nederlandstalige leerlingen vlot laat meedoen én hen doet groeien in het kunstonderwijs. De deelnemers vertrekken vanuit een open houding: meertaligheid is een kracht, en Nederlands blijft de taal die iedereen verbindt. In het gesprek delen ze concrete voorbeelden. Ze ontdekken hoe een rijke leeromgeving taalontwikkeling stimuleert en hoe duidelijke taalafspraken voor rust zorgen in de klas. Het contactmoment brengt frisse inzichten, maar vooral herkenning: iedereen worstelt met gelijkaardige vragen. Door ervaringen te bundelen, krijgen leerkrachten praktische handvatten om de talige diversiteit positief te benutten. Zo versterkt dit netwerk van academies niet alleen de aanpak van de leerkrachten maar ook de kansen van leerlingen in de academies.

Kerntaak 2: organisatie en beleid
Deze kerntaak focust op het versterken van de instelling als professionele lerende organisatie, vanuit het pedagogisch of artistiek-pedagogisch project. We geven voorrang aan de instellingen met de grootste noden.
Op basis van kwantitatieve en kwalitatieve informatiebronnen brengen we in kaart in welke scholen, centra en academies de grootste noden zijn. Die worden prioritair ondersteund.
Kwalitatieve vakgroepwerking ondersteunt het secundair onderwijs
Een sterke vakgroepwerking tilt de lessen naar een hoger niveau. De pedagogische begeleiding werkt mee aan een duidelijke structuur waarin elke vakwerkgroep gericht kan groeien. Eerst wordt een scherpe analyse van de beginsituatie gemaakt, zodat het traject precies aansluit bij de noden van de school. Vakwerkgroepen krijgen vaste overlegmomenten én ruimte om flexibel samen te werken aan leerpaden die hun klaspraktijk versterken. Door systematisch te reflecteren en te evalueren, bouwen leraren stap voor stap aan kwaliteitsvolle lessen. De gedeelde aanpak zorgt ervoor dat leraren elkaar inspireren en goede praktijken in de hele school ingang vinden. Dankzij de PDCA-cyclus wordt elke stap omgezet in concrete verbeteringen die meteen voelbaar zijn in de klas. Zo groeit de vakgroepwerking uit tot een motor voor professionele groei én sterk onderwijs.
Digitale transitie en Artificiële Intelligentie in de CLB-sector
De digitale transitie in de CLB-sector versnelt, en dat voel je tot op de werkvloer. Directies krijgen tijdens een netoverstijgende studiedag een helder overzicht van nieuwe digitale platformen en wisselen uit hoe je die vlot invoert in je team. Die uitwisseling helpt om digitale tools niet alleen te kennen, maar ook echt te gebruiken in de klas- en begeleidingspraktijk. Artificiële Intelligentie komt daarbij nadrukkelijk in beeld: een expert geeft inzicht in de kansen en valkuilen, wat leidt tot nieuwe vragen en waardevolle reflecties. Omdat CLB-medewerkers dagelijks omgaan met gevoelige informatie, groeit de nood aan duidelijke richtlijnen. Daarom ontwikkelt OVSG een AI-kader dat medewerkers in centra ondersteunt om veilig, ethisch en doelgericht met AI te werken, mét respect voor privacy en pedagogische kwaliteit. Zo versterkt de digitale transitie niet alleen de efficiëntie van CLB’s, maar ook de kwaliteit van de begeleiding die elke leerling krijgt.

Kerntaak 3: pedagogisch of artistiek project
Kerntaak 3 gaat over het ondersteunen van onderwijsinstellingen bij de realisatie van hun eigen pedagogisch of artistiek-pedagogisch project en het ondersteunen van de CLB’s bij de realisatie van hun eigen missie en hun begeleidingsproject.
Leer Lokaal, een belangrijke mijlpaal voor het basisonderwijs
Leer Lokaal betekent een kantelmoment voor het gemeentelijk en stedelijk basisonderwijs. Met dit nieuwe leerplan krijgt elke school een duidelijk en eigentijds curriculum dat kennis, zorgzaamheid, diversiteit en brede ontwikkeling samenbrengt. De pedagogische begeleiding speelde daarin een sleutelrol: van de eerste ideeën in 2018 tot de goedkeuring in 2023 en de uitrol op de klasvloer vanaf 2023-2024.

Het traject is grondig en doordacht. Leerlijnen worden stap voor stap ontwikkeld, afgetoetst en verfijnd met gebruikers uit het werkveld. Het resultaat is een geïntegreerd leerplan dat herkenbare leergebieden hanteert, werkt volgens de principes van een spiraalcurriculum en opgebouwd is vanuit duidelijke leeftijdsfases. Leer Lokaal biedt structuur, maar laat tegelijk ruimte voor autonomie en eigen pedagogische keuzes.
De implementatie vraagt veel inspanningen. OVSG zet volop in op regionale kick-offs, lerende netwerken, opleidingen en begeleiding op maat. Scholen krijgen ondersteuning om een implementatieplan uit te tekenen dat past bij hun context en ambities. Door te focussen op één of twee leergebieden per jaar blijft het leerproces haalbaar en krijgt elk team de kans om stap voor stap vaardiger te worden. In veel scholen groeit zo een sterkere samenhang tussen leergebieden, een duidelijkere visie en meer gedragenheid in het team.
De ontwikkeling van kwaliteitsvolle materialen en de nauwe samenwerking met lerarenopleidingen zorgden ervoor dat Leer Lokaal niet alleen in de scholen maar ook bij toekomstige leraren stevig ingebed raakt.
Vandaag wordt Leer Lokaal verder afgestemd op de nieuwe minimumdoelen basisonderwijs. Scholen kunnen rekenen op updates, extra materialen en blijvende begeleiding. Wat deze implementatie vooral leert, is dat vernieuwing werkt wanneer je ze samen draagt: met ruimte voor maatwerk, met vertrouwen, en met een duidelijke focus op kwaliteitsvol onderwijs voor elke leerling.

Brug naar Leer Lokaal secundair
De begeleiding van het secundair onderwijs zorgt ervoor dat Leer Lokaal basisonderwijs naadloos kan aansluiten bij Leer Lokaal voor de eerste graad SO. Dezelfde bouwstenen liggen aan de basis van een nieuw leerplan SO, in overeenstemming met de nieuwe minimumdoelen voor de eerste graad. Zo is een kwaliteitsvolle en warme overgang van basis naar secundair mogelijk. Dit leerplan draagt ook de eigenheid van het stedelijk en gemeentelijk onderwijs in zich. Op ontmoetingsdagen met directies, in klankbordgroepen en in overleg met besturen krijgen de toekomstige gebruikers de kans om input en feedback te geven. Zo werken we maximaal participatief.
OVSG | Leer Lokaal
OVSG | GBS Hoegaarden helemaal klaar voor Leer Lokaal dankzij traject leerplancoach
OVSG | Leerplan Leer Lokaal SO

Kerntaak 4: prioriteiten in de praktijk brengen
In een vierde kerntaak ondersteunen we scholen bij het omzetten van beleidsprioriteiten in de praktijk.
De rOK-tool vindt zijn weg in scholen en academies
De rOK-tool (referentiekader onderwijskwaliteit), ontwikkeld door de pedagogische begeleidingsdienst, helpt teams om kwaliteitsontwikkeling stap voor stap en op een gedragen manier aan te pakken. Voor de eerste uitrol starten acht instellingen uit verschillende niveaus in een intensief traject waarin ze de tool volledig leren benutten.
Met de tool kunnen beleidsteams hun werking systematisch onderzoeken. Ze brengen sterktes en werkpunten helder in kaart, verkennen of het team klaar is om actie te ondernemen en voeren onderbouwde gesprekken over kwaliteit. Het dashboard maakt dat werk vlotter: je filtert, vergelijkt en analyseert resultaten per deelgroep, zodat de keuzes beter gefundeerd zijn.
Een team van OVSG-collega’s staat in voor een zorgvuldige ontwikkeling. De stellingen sluiten aan bij het rOK-kwaliteitskader en zijn op maat van elk onderwijsniveau. De dataverwerking verloopt volledig automatisch. De uitrol in scholen gebeurt via een blended traject: een mix van begeleiding en zelfstandige fasen waarin teams alle mogelijkheden van de tool benutten.
De eerste reacties zijn veelbelovend. Teams waarderen de heldere inzichten, de ruimte voor zelfsturing en de steun bij kwaliteitsgesprekken. De rOK-tool maakt kwaliteitsontwikkeling concreet en stimuleert een cultuur van reflectie, eigenaarschap en groei. De betrokkenheid en tevredenheid van de eerste deelnemers vormen een stevig vertrekpunt voor een duurzame kwaliteitsverbetering in het onderwijs.
OVSG | Reflectietool onderwijskwaliteit (rOK-tool): instrument en traject
OVSG | Versterk onderwijskwaliteit met je team dankzij de rOK-tool

Effectief taalonderwijs vanuit wetenschappelijke inzichten
De pedagogische begeleiding investeert stevig in beter taalonderwijs, met een jaarlijks gemiddelde van 132 werkdagen. Het lerend netwerk ‘lezen met begrip’ loopt twee schooljaren en combineert drie inhoudelijke voormiddagen met individuele sessies waarin leerkrachten gerichte feedback kregen. Tijdens de sessies duiken ze in recente inzichten, oefenen ze met doe- en denkopdrachten en vertalen ze wetenschappelijke kaders naar hun klaspraktijk.
Het boek De beste lezers zitten in mijn klas vormt daarbij een vaste basis. Deelnemers werken met concrete opdrachten die helpen om de effecten van hun aanpak zichtbaar te maken. De effectmeting toont duidelijke leerwinst, vooral rond wetenschappelijke achtergrondkennis, kaders en leestempo. Leerkrachten geven aan dat ze hun aanpak bewust bijsturen en met meer vertrouwen lesgeven.

Ook in het kleuteronderwijs lopen gelijkaardige netwerken over spreekvaardigheid in meertalige contexten, telkens met een sterke focus op praktijk, interactie en reflectie. Zo groeit de didactische expertise én de taalontwikkeling van leerlingen zichtbaar.
‘De pedagogisch begeleider heeft kennis van zaken. Ze heeft ons wakker geschud en onze manier van werken doen evalueren en bijgestuurd. We weten nu concreet hoe we aan de slag kunnen. Fijn!’
Deelnemer lerend netwerk lezen
05 Regionale ontmoetingsdagen
De beste inzichten ontstaan wanneer mensen samenkomen. Daarom organiseren we in het voorjaar ontmoetingsdagen voor directies van de verschillende onderwijsniveaus samen.
Zo’n 460 leidinggevenden komen samen in Genk, Gent, Antwerpen, Brussel of Menen. Ze krijgen actuele informatie, praktijkgerichte workshops en gelegenheid om te netwerken. Op de agenda:
- Inspirerende praktijkvoorbeelden over lokaal samenwerken door schepenen of directies
- Toelichting bij actuele beleidsdossiers en het nieuwe pedagogisch begeleidingsplan


06 Samenwerken met partners
De pedagogische begeleiding werkt intensief samen met hogescholen, universiteiten, onderzoekers, andere pedagogische begeleidingsdiensten, de overheid en het departement onderwijs.
Meer dan 233 werkdagen worden geïnvesteerd in samenwerking met externe partners. is vergelijkbaar met voorgaande schooljaren. De overheid vraagt om intensiever samen te werken met andere onderwijsverstrekkers over bepaalde thema’s. Deze samenwerking krijgt vorm in onder meer:
- formuleren van gemeenschappelijke doelstellingen bij de oprichting van Leerpunt
- opstellen van de kennisagenda Leerpunt
- organisatie van een netoverschrijdende studiedag evidence-informed begeleiden
Het aandeel van de tijdsinvestering in samenwerking met andere onderwijsverstrekkers stijgt van 17% in 2022–2023 naar 25% in 2024–2025. Deze stijging weerspiegelt de groeiende beleidsmatige afstemming en gezamenlijke verantwoordelijkheid voor onderwijskwaliteit.
Daarnaast worden
- 22 werkdagen besteed aan afstemming met de Onderwijsinspectie
- 14 werkdagen aan overleg met het Departement Onderwijs en Vorming
Deze overlegmomenten kaderen niet altijd binnen de decretale opdrachten van de pedagogische begeleiding, maar zijn wel essentieel voor het afstemmen van verwachtingen, beleidslijnen en kwaliteitskaders.


Netoverschrijdende studiedag evidence-informed begeleiden
